Een goede voeding is essentieel voor de gezondheid van mens en dier. Het is belangrijk voor het goed functioneren van alle organen en het opbouwen van een effectief immuunsysteem. Helaas worden er in de voeding van de fret veel fouten gemaakt en dat heeft belangrijke gevolgen voor hun gezondheid. 

Het maagdarmkanaal van de fret

De fret is een strikte carnivoor (vleeseter). Zijn maagdarmkanaal is erop gebouwd om prooidieren in zijn geheel op te eten en te verteren. Prooidieren bestaan uit goed verteerbare vleeseiwitten. In het maagdarmkanaal van prooidieren bevinden zich slechts kleine hoeveelheden, reeds gedeeltelijk verteerde plantaardige bestanddelen.

Fretten hebben een relatief kort maagdarmkanaal dat bijvoorbeeld de helft korter is dan het maagdarmkanaal van de kat. Ze hebben géén blinde darm. Bij honden en katten is de blinde darm belangrijk voor de vertering van koolhydraten en vezels in plantaardige voeding. De passagesnelheid van het voedsel door de darmen van een fret is 2x zo snel als die bij de kat. In 4 uur tijd is het voedsel, bij een goed verteerbare voeding, van voor naar achter!

carnivoor herbivoor

De koe (en de geit) is in tegenstelling tot de fret een strikte herbivoor (planteneter) en heeft een heel ander maagdarmkanaal voor de vertering van het moeilijk verteerbare plantaardige materiaal. De koe heeft 4 magen en een lang darmkanaal met daarin veel bacteriën die helpen bij de vertering.

Wat zijn de gevolgen van dit maagdarmkanaal voor de voeding?

Door het korte maagdarmkanaal en de snelle passagetijd is de opname van voedingsstoffen véél minder efficiënt dan bij andere carnivoren zoals de hond en de kat. Hierdoor hebben ze behoefte aan een kwalitatief beter voedsel met een hoog eiwit- en vetgehalte van dierlijke oorsprong en een zo laag mogelijk koolhydraat- en vezelgehalte.

Plantaardige eiwitten (in granen of soya) zijn weliswaar een stuk goedkoper, maar worden slecht verteerd door de fret. De aanwezigheid van veel plantaardige eiwitten kan leiden tot de vorming van blaasgruis, een slechte huid en vacht en een slechte groei van pups. Op latere leeftijd kan het leiden tot chronische maag-darmklachten. Aan de aanwezigheid van een kleine hoeveelheid plantaardige eiwitten in brokvoeding valt niet te ontkomen, die zijn nodig om het voer als brokjes te kunnen produceren. De fret heeft slechts behoefte aan heel weinig en goed verteerbare koolhydraten. In voeding gebaseerd op plantaardige eiwitten zitten veel meer koolhydraten dan in voeding op basis van vleeseiwitten. Een overmaat aan koolhydraten stimuleert de alvleesklier tot een hogere productie van insuline. Deze verhoogde productie kan bij een jarenlange overstimulatie leiden tot de vorming van insulinomen op latere leeftijd.

Fruit en groenten worden niet verteerd. De aanwezigheid zal de voedingswaarde van het voedsel verlagen. Grote ingeslikte stukken kunnen obstipatie (verstopping) veroorzaken. Fretten hebben echter (helaas) wel een smaakvoorkeur voor suikers, groenten en fruit.

Een simpele test om de kwaliteit van voeding te beoordelen is de hoeveelheid ontlasting die wordt geproduceerd op een bepaalde voeding. Hoe meer ontlasting → hoe slechter het voedsel wordt opgenomen → hoe slechter de kwaliteit van dat voer.

Brokvoeding:

  • Hondenvoer: Op hondenvoer kunnen fretten niet leven vanwege het veel te hoge gehalte aan plantaardige eiwitten en vezels.
  • Kattenvoer: Katten hebben een heel ander maagdarmkanaal en dus ook heel andere behoeftes dan de fret. Katten kunnen leven op een veel lagere kwaliteit van de voeding. De meeste kattenvoeders, zeker de goedkopere soorten, zijn dan ook volstrekt onvoldoende voor de fret.
    Alleen kittenvoer van een zeer hoge kwaliteit voldoet aan de eisen voor fretten. Gewoon kattenvoer uit de supermarkt zal op de lange termijn schadelijk zijn voor de gezondheid van de fret. 
  • Frettenvoer: In de afgelopen jaren zijn er meerdere frettenvoeders op de markt gekomen, omdat de fret in populariteit enorm is gestegen en de fabrikanten hierop inspelen. Helaas zijn lang niet alle nieuwe frettenvoeders van voldoende kwaliteit. Voor een eigenaar is het heel moeilijk om een goede beoordeling te maken betreffende de kwaliteit van het gebruikte voer. Als er maar een mooi fretje op de verpakking staat dan lijkt de voeding al heel wat. Ook voor deskundigen is dit soms lastig, omdat de voederfabrikanten het exacte recept niet altijd prijs geven. Daarnaast geven de op de verpakking vermelde voedingsstoffen niet de kwaliteit of verteerbaarheid van de eiwitten aan.

Over het algemeen kun je stellen dat een goede kwaliteit voeding duurder is door de gebruikte vleeseiwitten.

Een goedkoop voer kan NOOIT voldoende kwaliteits eiwitten bevatten.

Welke brokvoeding is aan te raden:

Pre Neutered Cat van Veterinary HPM (Hyper premium Carnivore Diet) van de firma Virbac is een voeding die ik momenteel steeds meer aanbeveel vanwege de zeer goede resultaten. Het is verkrijgbaar via de dierenarts en via internet.

Kittenbrokjes van Hill’s Vetessentials®, Orijen® en Eukanuba®, Deze zijn van een voldoende kwaliteit om in alle levensstadia van de fret te voorzien.

 

brokjes

Prooidieren

Brokjes van de aanbevolen merken bevatten toch nog een bepaalde hoeveelheid plantaardig materiaal. Daarom voeren veel frettenliefhebbers tegenwoordig hun fretten gedeeltelijk of volledig met prooidieren, zoals muizen, andere kleine knaagdieren en gevogelte. Muizen zijn een volledige voeding waaraan niets toegevoegd hoeft te worden. Het eten van gemiddeld twee muizen per dag is per fret meestal voldoende. Voeding met prooidieren geeft fretten ook een bezigheid die goed is voor hun psychische ontwikkeling en houdt het dier bezig. Diverse zintuigen worden hier op een natuurlijke wijze gestimuleerd. Prooidieren zijn via dierenwinkels (voer voor reptielen) en via internet te verkrijgen. Veel informatie over het voeren van prooidieren kunt u vinden op de website www.prooidier.nl

Jonge dieren zijn het makkelijkste aan prooidier voeding te wennen, maar zelfs oudere fretten blijken soms nog over te stappen.

Update augustus 2017: Gezien de toenemende medische klachten van jonge en jong volwassen fretten die op prooidiervoeding staan, ben ik voorzichtiger geworden om dit aan te raden. In principe is prooidiervoeding goed, maar de kwaliteit laat tegenwoordig te wensen over. Het is erg belangrijk een goede hygiene te handhaven indien u prooidieren voert. Bij twijfel over de kwaliteit deze liever niet geven aan met name jonge dieren.

Vers vleesvoeding (KVV/rauw vlees)

KVV (Kompleet Vers Voer) zoals Carnibest®, Bandit® en Barf bevatten rauw vlees met botten, aangevuld met organen en supplementen. Dit wordt gemalen en in worsten in de diepvries bewaard. 

De laatste jaren maak ik mij steeds meer zorgen betreffende het voeren van fretten met rauw vlees. In de Frettenkliniek is een duidelijke toename van bacteriële ontstekingen in het middenoor, maag-darmkanaal, de alvleesklier en de lever op te merken bij fretten die gevoerd worden met rauw vlees. In rauw vlees zitten veel bacteriën. Gezonde fretten kunnen met hun maag veel bacteriën zonder problemen verwerken. Echter door de bio-industrie en de verwerking van het (vaak afval-) vlees is het aantal bacteriën in het vlees de laatste jaren enorm toegenomen, helaas ook van resistente en pathogene bacteriën. Dit veroorzaakt bij zwakke dieren, dieren onder stress, jonge en oude dieren, maar helaas zelfs bij gezonde dieren steeds meer problemen. Ook voor de eigenaren wordt het risico steeds groter. Als je fretje je handen likt en met diezelfde handen eet je later een koekje...kan het zijn dat u zelf deze ziekteverwekkende bacteriën binnen krijgt.

Vanuit mijn ervaringen in de Frettenkliniek zijn de problemen zoals beschreven in het onderstaande artikel op dit moment een te groot risico voor de gezondheid van fretten. In het onderstaande artikel wordt aangeraden het vlees te verhitten....veel fretten-eigenaren weten dat dit voor een fret vaak niet smakelijk is.

Prooidieren als muizen worden niet verwerkt, het zijn kleine “pakketjes”. Het risico op bacteriële besmetting is minder maar niet geheel uitgesloten. Geef muizen alleen als ze fris ruiken en alleen aan gezonde dieren!

Voedingsadvies advies van de Frettenkliniek:

Gezonde fretten: Prooidieren (muizen ed.) en/of brokvoeding van goede kwaliteit.

Jonge, oude, zieke fretten en fretten met recidiverende maag-darmproblemen (diarree, misselijkheid): alleen brokvoeding van goede kwaliteit eventueel met voldoende verhit vlees/eieren. Indien nodig tevens RC Convalescence Support Instant Diet, A/D blikvoer.


Hieronder het artikel uit het Tijdschrift van Diergeneeskunde.
Wat hier beschreven staat voor de hond en de kat geldt ook voor de fret. 

Standpunt rauw vleesvoeding voor hond en kat
(Tijdschrift voor Diergeneeskunde, febr. 2015)

R. J. Corbee 1, R. Nijsse 2, E. Hagen-Plantinga 3, P. Overgaauw 4

Tegenwoordig is er een grote groep honden- en kattenbezitters die hun huisdieren voert met rauw vleesvoeding (bijvoorbeeld: 'bone and raw food', BARF). Op het internet zijn meerdere 'succesverhalen' te vinden waarbij honden en katten na het overschakelen op rauw vleesvoeding zijn genezen van huidaandoeningen en maagdarmklachten. Vooralsnog is er geen wetenschappelijk bewijs dat dergelijke voeders effectiever zijn dan de commercieel verkrijgbare dieetvoeders. Er zitten wel een aantal belangrijke risico's aan het voeren van rauw vleesvoeding.

Ten eerste bestaat er risico op het verstrekken van een incompleet dieet. Meerdere onderzoeken hebben aangetoond dat zelf bereide diëten (zoals BARF-diëten) niet altijd het volledige nutriëntenaanbod bieden, waardoor op termijn tekorten kunnen ontstaan. Vooral jonge, groeiende dieren lopen hierbij risico.

Ten tweede is er een risico op infectie van zowel het huisdier als de verzorger met potentieel pathogene (zoönotische) organismen. Vanzelfsprekend kan directe besmetting van de eigenaar en gezinsleden worden voorkomen wanneer optimale hygiëne wordt betracht bij de bewaring en verwerking van vers vlees en bij de reiniging van de gebruikte materialen. Besmetting met infecties van de dieren via rauw vlees kan alleen worden voorkomen door het vlees vooraf voldoende te verhitten. Men moet zich ervan bewust zijn dat vooral individuen met verminderde weerstand een groter risico lopen om ziek te worden. Dit zijn pups, kittens, kinderen, ouderen, zwangere vrouwen of drachtige dieren en dieren en mensen met een verminderde afweer. Dieren die therapeutisch gebruikt worden in de zorg, de zogenaamde hulphonden, dienen om deze reden zeker geen rauw vleesvoeding te krijgen.

Dierenartsen moeten huisdierbezitters wijzen op de risico's van het voeren van rauw vlees voor de gezondheid van het dier, de volksgezondheid, de noodzaak van reiniging en desinfectie van voedermaterialen en ruimtes en het toepassen van handhygiëne.

Het beste advies is vlees uit voorzorg te verhitten. Bij het publiek is namelijk nauwelijks kennis aanwezig over de risico's en de preventie van infecties bij vers vleesvoeding of deze wordt genegeerd.

Het melden van deze risico's aan eigenaren die rauw vlees voeren aan hun huisdier moet worden beschouwd als 'good veterinary practice'!

1. Dept. Geneeskunde van Gezelschapsdieren, faculteit Diergeneeskunde, Universiteit Utrecht. Corresponderend auteur: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..
2. Klinische Infectiologie, Dept. Infectieziekten & immunologie, faculteit Diergeneeskunde, Universiteit Utrecht.
3. Dept. Gezondheidszorg Landbouwhuisdieren, Afdeling Voeding, faculteit Diergeneeskunde, Universiteit Utrecht.
4. IRAS, Div. Veterinaire Volksgezondheid, faculteit Diergeneeskunde, Universiteit Utrecht.